Ensemble on est plus forts
FR

BBTK > Nieuws > Over competitiviteit en loonkost: een ander verhaal

27-2-2012 18:44 Afdrukken

Over competitiviteit en loonkost: een ander verhaal


De afgelopen weken werden de index en de voor hen ‘te hoge’ Belgische lonen vanuit werkgeverskringen en sommige politieke partijen weer stevig onder vuur genomen. Ze zochten daarvoor munitie in het jaarverslag van de Nationale Bank van België (NBB), de neerwaartse herziening van de economische indicatoren voor 2012 en de studie van de NBB over de index… al bleek die studie uiteindelijk niet definitief.


Tijd dus om een aantal argumenten te ontkrachten. Op basis van onder meer hetzelfde jaarverslag van de NBB.

Competitiviteit en loonkost


In de eerste plaats is de competitiviteit van de Belgische bedrijven niet alleen een zaak van lonen. Het is zelfs in eerste instantie een zaak van juiste inzet van middelen. De investeringen in onderzoek en ontwikkeling, innovatie dus, liggen in België op een lager niveau dan in onze buurlanden. Investeren in duurzame, hoogstaande afgewerkte producten is dringend noodzakelijk om onze exporthandicap weg te werken. Ook wat de opleiding van werknemers betreft, staan de Belgische bedrijven niet hoog gerangschikt.


Maar als het dan toch over loonkost moet gaan, is het belangrijk aan te stippen dat het aandeel van de loonkost in de totale productiekost in de industrie lager ligt bij ons ten aanzien van de buurlanden. In België en Nederland is het aandeel ervan 12%, in Duitsland en Frankrijk 20%.


De loonkosthandicap met Duitsland is toegenomen en bedraagt nu 25% t.a.v. 1996. Maar… tegenover Frankrijk en Nederland is er dan weer een licht voordeel. En laat het duidelijk wezen: wij wensen niet op het loonniveau van de Duitse werknemers te komen. Bij gebrek aan een minimumloon werken in dat land miljoenen werknemers aan een uurloon van 4 à 5 euro. De Belgische werknemers hebben recht op een degelijk loon waarvan correct kan geleefd worden.


Er is meer: de uurloonkosten zijn in België het laatste jaar zelfs gedaald met respectievelijk 11 en 3% tegenover Nederland en Frankrijk. Ook hier kan en mag alleen Duitsland niet als voorbeeld genomen worden.


Ten slotte dient ook nog vermeld dat het aandeel van de energiekost in de Belgische productiekost beduidend hoger ligt dan deze in de landen van de eurozone en die van onze buurlanden, inclusief Duitsland. Aanpak van de energiekost kan heel wat opleveren voor de competitiviteit van onze bedrijven.


Ondertussen worden de voorspellingen voor ons land somberder: er is sprake van dat onze economie dit jaar met 0,1% zou krimpen. Het verslag van de NBB meldt over deze negatieve bijstelling dat de daling van de economische groei deels ook te wijten is aan de daling van de private consumptie. Matigen van de lonen zal hier dus ook contraproductief zijn en de economie niet ten goede komen.


Index en loonkost


We moeten het paard trouwens niet voor de kar spannen: de indexering van lonen en sociale uitkeringen komt pas na de stijging van de prijzen (de inflatie). Het is dus een buffer opdat de bevolking niet zou verarmen: zo worden de stijgende prijzen die de werknemers als consument moeten betalen gecompenseerd. Laat ons dat nog eens onderstrepen. Dat de prijzen in ons land meer stijgen dan in de ons omringende landen is alom bekend en wordt nu ook door de NBB bevestigd: de gasprijs steeg in België met 19% over 2011 en die van elektriciteit met 12% terwijl beide in de buurlanden slechts met 7% stegen.


Gezien het grote aandeel van de energiekost in België in de productiekost kan dit tellen voor de competitiviteit van de bedrijven. Wij zijn het dan ook volmondig eens met diegenen die zeggen dat de inflatie moet bestreden worden door een aanpak van de te sterk stijgende prijzen, voornamelijk deze van energie en van de voedingsproducten. Een structurele prijzencontrole is in dit opzicht van essentieel belang.


De index en het automatische indexeringssysteem moeten en zullen daarom gevrijwaard blijven. Alle mogelijke pistes die hieromtrent werden gelanceerd worden door ons resoluut afgewezen; of het nu gaat over het uit de indexkorf halen van energie, indexsprongen, dan wel indexering van netto i.p.v. bruto of nog beperken van indexering tot de lagere lonen. Laat ons geen zand in de ogen strooien!


Bijsturingen


Ondertussen worden de bijsturingen aan de eind december door de regering besliste sociaal-economische maatregelen omgezet in nieuwe wetteksten. Natuurlijk zijn wij niet ongelukkig met deze bijsturingen, ook al blijven wij stellen dat de maatregelen onrechtvaardig zijn en blijven. De bijsturingen maken echter wel de zogenaamde contractbreuken ongedaan en voorzien toch nog mogelijkheden voor bepaalde groepen werknemers om vóór 60 jaar met brugpensioen te gaan of vanaf 50 jaar minder te gaan werken.


Ook de negatieve weerslag ervan op de pensioenberekening werd afgezwakt. Het optrekken van het vervroegd pensioen naar 62 jaar zal gepaard gaan met overgangsmaatregelen. De staking van 30 januari heeft geloond! Wij zullen nu waakzaam zijn bij de uitvoering van de aanpassingen en de toepassing ervan in de bedrijven. En wij zullen meewerken aan de uitwerking van een echt werkgelegenheidsplan, voor jong en oud, dus ook voor deze werknemers die uit de boot dreigen te vallen voor vervroegd uittreden.


Begrotingscontrole en Europa


Dat Europa een belangrijke rol speelt in het Belgische huishouden is voor iedereen ondertussen duidelijk. Daarom is de actie van het EVV in alle Europese lidstaten op 29 februari zo belangrijk. Ze komt immers vóór de ondertekening (op 1-2 maart) van het nieuwe Europese verdrag dat nog strengere begrotingsnormen wil vastleggen. De huidige bestuurders van Europa doen zelfs de moeite niet meer om te verhullen dat ze deze crisis gebruiken om onze sociale welvaartsstaat af te breken. De dagdagelijkse realiteit van miljoenen Europeanen staat mijlenver van hun bed af. Enkel Europese actie zal hen doen luisteren.


De inzet is het behoud van het rechtvaardige samenlevingsmodel waarmee we ons als Europeanen en Belgen lange tijd hebben onderscheiden van de rest van de wereld. De moeite waard, toch?


Ook België telt nog mee: tijdens de begrotingscontrole hier (tussen 3 en 6 maart) gaat de regering op zoek naar 2 miljard. Voor ons moeten de fundamentele onevenwichten hier weggewerkt worden. De ontbrekende miljarden moeten gehaald worden bij de grote vermogens, de fraudeurs en via de afschaffing van de notionele interest. Ook de invoering van een minimumbelasting voor bedrijven staat op de agenda.

Share/Bookmark